2531
post-template-default,single,single-post,postid-2531,single-format-standard,gdlr-core-body,qode-social-login-1.1.2,qode-restaurant-1.1.1,stockholm-core-1.0.8,woocommerce-no-js,select-theme-ver-5.1.5,ajax_fade,page_not_loaded,menu-animation-underline-bottom,wpb-js-composer js-comp-ver-6.0.2,vc_responsive

Kleur in de kiosk

Wanneer gaan we beauties als deze op Nederlandse modemagazines zien?

Zwarte en gekleurde modellen zijn wereldwijd ondervertegenwoordigd, maar de Nederlandse fashionglossies scoren dra-ma-tisch. Plat racisme, desinteresse, gemakzucht? Of is er meer aan de hand?

In de vaderlandse modewereld sloeg het nieuws vorig jaar in als de spreekwoordelijke bom: de Egyptisch-Marokkaanse Imaan Hamaan had de cover van de Amerikaanse Vogue gehaald. Een lucratieve klus, en een topprestatie voor het destijds 17-jarige model uit Amsterdam-oost. Ook al moest ze de eer delen met acht collega’s, onder wie de Puertoricaanse Joan Smalls. Hamaan behoort tot een van de meest succesvolle nieuwkomers ooit. In amper een jaar tijd wist ze door te dringen tot de internationale modellentop. Zo zette de ravissante beauty, die ‘de Nederlandse Cleopatra’ wordt genoemd, haar looks al in voor onder meer Givenchy en Jean Paul Gaultier Couture en is ze geregeld in andere edities van Vogue te zien. Ze is een ware modesensatie, maar de cover van de Nederlandse high fashion-bladen heeft ze nog niet gehaald.

Lijkt vreemd, en dat is het ook, maar onze modeglossies en lifestyle bladen hebben nu eenmaal een slecht track record, wat diversiteit betreft. Zwarte en gekleurde modellen zijn wereldwijd ondervertegenwoordigd in fashion en magazines, maar ‘wij’ scoren echt dramatisch. Neem de Jamaicaans/Britse Naomi Campbell: 44, al vijfhonderd jaar in het vak maar still going strong. Nog steeds prijkt ze op de covers van toonaangevende modetitels als Interview Magazine en Harper’s Bazaar (notabene de Vietnamese en de Mexicaanse edities), maar ik kan me niet heugen wanneer we haar voor het laatst op een Nederlandse fashionglossy hebben gespot.

Kleur in de kiosk

 

De vaderlandse bladenmakers kiezen maar sporadisch voor kleur op de cover; zeker als het de modeglossies betreft. Plat racisme? Zover wil ik niet gaan. Ik denk dat het eerder een kwestie van gemakzucht is. En misschien desinteresse. Of ben ik nu naïef? Feit is dat de dames en heren bladenmakers zich vaak verschuilen achter regels die in de Oudheid zijn opgesteld. Zo zou ‘zwart’ op de cover (als in ‘gekleurde modellen’) niet verkopen, omdat de ‘witte’ doelgroep zich daar niet mee zou kunnen (willen?) identificeren. Soit, zou je misschien denken. Maar let wel: dit is een aanname van jaren her. Recentelijk is hier geen onderzoek naar gedaan. Toch wordt deze regel op veel redacties nageleefd, terwijl andere ‘coverwetten’ al lang en breed overboord zijn gezet. Old-school bladenmakers hebben geleerd dat 1. het covermodel de lezer altijd dient aan te kijken; 2. er een x-aantal woorden en/of cijfers op een cover moeten staan en 3. de kleur groen uit den boze is (‘groen kost je poen’). Maar wonder o, wonder, tegenwoordig spotten we de ene na de andere succesvolle en prikkelende cover waarop 1. het model en profil – of op de rug – is gefotografeerd; 2. een brij aan cijfers en letters staat of de tekst zelfs geheel ontbreekt en 3. alle tinten groen te zien zijn. Dus wellicht werkt zwart ook wel. Dat weet je pas als je het probeert.

Een tweede reden waarom bladenmakers huiverig zouden zijn voor zwarte modellen is dat ze vrezen adverteerders voor het hoofd te stoten. Een legitiem argument in tijden als deze waarin de reclamebudgetten zwaar onder druk staan. Maar: is het ook waar? Women of colour worden steeds vaker ingehuurd om designertassen, -schoenen, -sieraden, -geuren en –make-up te promoten. Denk aan Lupita Nyong’o voor MiuMiu en Lancôme, Rihanna voor Dior, Jourdan Dunn voor Balmain, Alicia Keyes voor Givenchy, Liya Kebede voor Tom Ford, Malaika Firth voor Prada, Joan Smalls voor zo’n beetje elk merk in het top-end segment, Naomi Campbell voor Burberry. Enfin, zo kunnen we nog wel even doorgaan. Dus het argument dat luxelabels niet met zwart geassocieerd willen worden omdat dat ‘niet chic’ of ‘niet stijlvol’ zou zijn, kunnen we mijns inziens gevoeglijk naar het rijk der bladenfabelen verwijzen.

Kleur in de kiosk

Natuurlijk valt de monotonie aan kleur in de kiosk niet alleen de magazinemakers te verwijten. Stylisten, hoofdredacteuren en artdirectors die wel zwarte of gekleurde modellen willen, zeggen vaak dat ze ‘ze’ niet kunnen vinden omdat de modellenbureaus ze niet aanbieden. Dat is waar. Veel bureaus vertikken het om een potentieel talent in te schrijven. “We hebben al een zwart meisje,” wordt dan domweg gezegd. “Voor nog donker model is onze markt te klein.” Kun je je voorstellen dat een Doutzen Kroes de deur gewezen zou zijn omdat er al een andere blondine ‘in the house is’? Ik bedoel maar… Ook de bureaus moeten verder kijken dan huidskleur. Als een klant een model ‘met een melancholische blik’ vraagt, komt het vaak niet bij een agency op dat zo’n klus weleens geknipt kan zijn voor die melancholiek ogende Marokkaanse of Afrikaanse. Gesteld dat zij überhaupt in het bestand zitten. Zwarte modellen worden voornamelijk naar castings gestuurd als er daadwerkelijk om een zwart model wordt gevraagd. En dat gebeurt nog steeds vaak bij specifieke thema’s. Zoals ‘kleur’, ‘jungle’ of pak ‘m beet ‘urban’. De bladen moeten dus bij de bureaus melden dat ze meer smaken willen zien dan alleen maar vanille. Dat is ook een strategische zet. Donkere vrouwen zijn immers ook (potentiële) glossylezers. Gezien de teruglopende omzetten en dalende oplagen zouden bladen er alles aan moeten doen om hun lezersbestand te vergroten. Zwarte vrouwen als doelgroep benaderen, onder meer door hen ook op de cover te plaatsen, zou hierin een goede stap kunnen zijn.

Enfin, terug naar Vogue, de moeder aller modeglossies. In juli 2013 sierde de Senegalese Kinée Diouf de cover van de Nederlandse editie, die op dat moment zo’n anderhalf jaar bestond. Tot nu toe is het bij dit ene zwarte model gebleven. We hebben dus nog een lange weg te gaan.

Dit is een bewerking van een verhaal dat eerder verscheen in De Kleurrijke Lijst 2014.

Lifestyle journalist Janice Deul heeft 15+ jaar ervaring in de bladenwereld en maakt zich als fashion activist sterk voor meer diversiteit in mode en magazines

 

Fotograaf: Sanne Grasdijk
Stylist: B academy fashion styling
Make up en hair: Carmen Gonzalez
Model: Lovenie Mennes
Bureau: Mix Models Amsterdam

Job